Groen, geel, wit én bollen: alle Tour-truien om Nederlandse schouders

0
49

De nagels van haar linkerhand zijn geel, die van haar rechter groen, als herinnering aan het doel deze Tour de France. Eerst wil Lorena Wiebes de gele trui veroveren, en daarna eindigen in het groen. Deel één van de missie is al geslaagd. In de massasprint versloeg ze zondagmiddag op de Champs-Élysées in de eerste etappe Marianne Vos.

Over haar ambities voor het geel liet Wiebes geen twijfel vlak voor vertrek onder de Eiffeltoren. “We komen hier voor één ding: winnen en het eerste geel pakken. Dat is meteen een doel geweest toen het parcours bekend werd gemaakt.” En terecht, Wiebes won dit seizoen al veertien ritten en is vrijwel niet te pakken in de sprint.

Zeggen dat je wil winnen en het dan ook doen, is indrukwekkend, zeker met zulke sterke sprintsters als Vos, Lotte Kopecky en wereldkampioen Elisa Balsamo in je nek. Al ging het in het centrum van Parijs niet vanzelf bij de Team DSM-trein.

“Het was superchaotisch”, zei Wiebes na afloop. “Ik was gefocust op Pfeiffer (Georgi, red.) haar wiel. Charlotte (Kool, red.) bleef achter mij zitten en we zouden na de tunnel wisselen van positie. Maar omdat het zo chaotisch was, was dat niet meer mogelijk. We hebben het worstcasescenario toegepast en het belangrijkste was dat ik kon sprinten.”

Vos opende het sprintgeweld op de kasseien van de Champs-Élysées. “Ik had verwacht dat Marianne al vroeg aan zou gaan en dat gebeurde ook, maar gelukkig kon ik nog wat door versnellen”, zei Wiebes. “Het was moeilijk tegen Marianne. Ik kon het moeilijk zien, want ze zat helemaal aan de andere kant van de weg.”

Waar het rommelde in de lead-out bij DSM, liep het in de Jumbo-Visma-trein soepel. “Mijn ploeg deed een fantastische lead-out”, zei Vos na afloop. “Ik denk dat er niet veel fout is gegaan en dat Lorena gewoon net wat sneller was.” Geklopt, in een eerlijke sprint, zoals Vos het zelf noemde.

De laatste kilometers van de 82 in het centrum van Parijs waren nerveus. Het was dringen, wat leidde tot meerdere valpartijen. “Iedereen is natuurlijk wel gespannen en gedreven om iets te laten zien”, zei Vos. “Het is een soort hotseknots over die keitjes. Het was opletten geblazen om uit de problemen te blijven.”

‘Kijk deze trui, hoe mooi!’

De etappehuldiging in Parijs was een volledig Nederlandse aangelegenheid: alle truien zitten om schouders van Nederlandse rensters. Het geel en groen is van Wiebes. De witte trui van het jongerenklassement is voor 20-jarige Maike van der Duin, die als achtste finishte. En de bolletjestrui is voor Femke Markus.

Voordat de nerveuze sprintkilometers waren begonnen, flikte Markus de mooiste truc van de dag: twee schamele bergpuntjes sprokkelen die op de Champs-Élysées lagen te wachten.

Vlak voor de doorkomst voor de bergpunten was Markus ervandoor gegaan met twee medevluchters, die ze op de streep net te slim af was. Een vooropgezet plan, zaterdag gesmeed met de ploeg. “Geweldig dat het gelukt is. Kijk, deze trui, hoe mooi!”, lachte Markus in haar bolletjestrui. “En ik zeg altijd dat ik niet kan klimmen.”

“Het seizoen gaat goed voor de zusjes Markus”, zei Femke na de race, verwijzend naar oudere zus Riejanne, die vorige maand Nederlands kampioen op de weg werd. “Daar kunnen we trots op zijn.”

Vos voor het groen?

Opvallend was zondag de eerste tussensprint van de dag. Vos ging ervandoor met de punten. Gaat Vos voor het groen deze Tour? “Dat is niet zozeer een ambitie”, verheldert ze. De punten die ze pakte in de tussensprint was als voorbereiding voor de eindsprint. “De try-out was in ieder geval goed. Maar tweede was het hoogst haalbare.”

Maandag weer een kans voor de sprintsters? Daar lijkt het wel op. De tweede etappe van de Tour de France gaat van start in Meaux en eindigt 136 vrijwel vlakke kilometers verderop in Provins. De kans op een massasprint is groot, al loopt de laatste kilometer voor de finish nog wat omhoog. Wiebes zit er niet mee: “We gaan morgen weer voor de winst.”

Bron: nos.nl