Groenewegen en die ene vraag: is hij nu al de beste sprinter ter wereld?

4

Ze zijn er bijna allemaal in Parijs-Nice: Kittel, Greipel, Cavendish, Ewan, Démare. Een ideaal moment voor Dylan Groenewegen om eens te laten zien wie nou eigenlijk de beste sprinter ter wereld is.

Want daarover is iedereen het eigenlijk wel eens: Groenewegen behoort tot de wereldtop of is al de wereldtop. “Er zijn er nog een paar, maar ik denk dat Dylan in een fase zit dat hij voor niemand bang is”, zegt zijn trainer bij Jumbo-Visma, Merijn Zeeman.

Mike Teunissen, de man die sinds kort voor Groenewegen de sprint voorbereidt, verwoordt het sterker. “Ik ben ervan overtuigd dat als hij zijn eigen sprint kan aangaan, niemand hem kan kloppen. Dan is hij de beste.”

Wat vindt Groenewegen zelf? “Ik ben wel een van de snelsten. Ik denk dat ik dat wel gewoon mag zeggen. Gaviria is ook heel goed, Viviani ook en Kittel in goeden doen is ook heel goed. Ik vind het altijd lastig om te zeggen, of je de allerbeste of allersnelste bent.”

Hij kijkt in elk geval met een grote glimlach vooruit naar zijn eerste grote doel in het voorjaar. Tot nu toe verloopt 2019 crescendo voor de 25-jarige geboren Amsterdammer. Privé heeft hij een nieuw stekje gevonden en professioneel heeft hij de eerste overwinningen van dit jaar al op zak; ritten in Valencia en de Algarve.

“We hebben een lekkere start gemaakt. Het is altijd fijn om gelijk te winnen. Zelfvertrouwen is belangrijk voor een sprinter.”

Hij voelt zich sterker dan in 2018, het jaar waarin hij liefst veertien zeges boekte. “Of ik stappen gemaakt heb ten opzichte van vorig jaar? Op mijn wattagemeter zie ik dat er wel iets verbetering is. Ik voel dat ik weer wat sterker ben geworden.”

Verbetering op zijn wattagemeter

Ondertussen is het team om hem heen ook weer sterker geworden. Teunissen kwam over van Sunweb en hij gaat de concurrentie aan met Timo Roosen om als laatste man Groenewegen perfect af te zetten in de slotkilometer. Groenewegen: “Timo is nu geblesseerd, die valt heel even weg. Met Mike hebben we het in de Algarve getest, dat ging gewoon heel goed. We moeten nu kijken wat het beste bij me past.”

Hij schetst de ideale situatie. “We proberen zo min mogelijk te praten in een sprinttrein. Eigenlijk moet je zo op elkaar ingespeeld zijn, dat je als één denkt. Dat als ik naar links denk, Amund al denkt: ik ga nu naar links. Dat willen we helemaal perfect hebben in de Tour.”

Over de sprinttrein gesproken, bestaat die eigenlijk nog? Groenewegen rept er wel van. Hij kan een sprint niet in zijn eentje winnen. Maar de functie van de helpers, de sprintvoorbereiders, is wel behoorlijk veranderd de laatste jaren.

Trainer Zeeman: “Het is niet meer zoals in de tijd van Cipollini of in de tijd van Cavendish bij HTC. Dat er een trein op kop kwam en dat er werd gezegd: jij doet 200 meter, jij doet 300 meter en dat dan het hele peloton in het wiel bleef zitten van die ene trein. Er zijn nu in elke WorldTour-wedstrijd wel tien sprinters die goed genoeg zijn om mee te doen om de zege. En die hebben allemaal een goed team van vijf helpers bij zich. Dus er zijn in de finale vijftig man bezig met zo’n sprint.”

Gekrioel van vijftig renners

En dan zijn de klassementsrenners nog niet eens meegerekend. De kopmannen die geen tijd willen verliezen of juist tijd willen winnen – ook zij mengen zich in een sprint. “Het is een gekrioel. Nu is het veel meer improviseren. Ik denk eigenlijk dat de term trein niet meer zo van toepassing is. Het kan soms zo zijn dat je al veel eerder een inspanning moet doen als helper, op drie kilometer van de finish, omdat het anders al verloren kan zijn. Het gaat er echt om dat de renners die een sprint helpen, goed kunnen improviseren in finales.”

In de Algarve, waar Groenewegen zijn tweede zege boekte dit jaar, verliep alles perfect voor de Nederlandse formatie. “Dat was er wel een uit het boekje. Maarten Wynants reed vier man (Timo Roosen, Amund Grøndahl Jansen, Mike Teunissen en Dylan Groenewegen) perfect naar de laatste drie kilometer. Timo zette die anderen weer perfect af in de laatste kilometer. Amund loodste Mike en Dylan perfect naar de laatste bocht en Mike deed de lead-out van het peloton. Hij pakte de kop met Dylan aan het wiel, Dylan ging aan op 250 meter van de meet en won de etappe met overmacht.”

Improviseren

Zoals Zeeman het opsomt, klinkt het tóch als een treintje. “Ja, behalve dan dat in dit geval Amund ze voor de bocht juist op de derde en vierde plek afzette, omdat FDJ daar nog met twee renners zat. Dat was eigenlijk perfect. Mike improviseerde heel goed, door iemand ertussen te laten, waardoor Dylan weer aanschoof in zijn wiel. Een hele mooie actie.”

Trein of niet, Teunissen kijkt uit naar de wedstrijd van zondag. “De rondes van de Algarve en Valencia zijn natuurlijk leuk, maar dit is even van een iets ander niveau. Hier rijden bijna alle goede sprinters. Dit is een betere test en een betere weergave van hoe goed we op elkaar ingespeeld zijn. Het is wat dat betreft spannend om te kijken of het hier ook allemaal lukt.”

Windkracht vier tot zes

Alhoewel Groenewegen de startlijst nog niet heeft bestudeerd, kent hij het parcours van zondag al wel. “We hebben de laatste vijftig kilometer even verkend. Dan voel je ook wel de wind, die staat hetzelfde als morgen. Er staat windkracht vier tot zes. Dat is genoeg voor chaos. Maar dat vind ik ook wel weer leuk. Heb ik wel zin in.”

Bron: nos.nl

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

1 × vier =