Hoe ‘de nieuwe Bergkamp’ Ajax een hak zette in Tilburg: ‘En dat met nummer 13’

0
116

“Het zonnetje scheen, dat weet ik nog. Ik begon op de bank, want de trainer koos meestal voor Mariano Bombarda. Maar als de wedstrijd erom vroeg, kwam ik erin. En ik scoorde. Twee keer zelfs. Of ik nog weet met welk nummer ik speelde? Met 13.”

Het geheugen van Dennis Schulp is opmerkelijk scherp, ook al is de wedstrijd waarover hij spreekt al ruim 22 jaar geleden. Dan komt de aap uit de mouw: “Mijn jongste zoon is voetbalgek, hij heeft dat filmpje op zijn telefoon.”

Op 25 april 1999 zorgde Schulp voor een vroege Tilburgse kermis door Willem II met twee treffers aan een fameuze 3-1 zege te helpen tegen Ajax. En dat voor een Amsterdamse jongen die vanaf zijn tiende gekoesterd werd als ‘de nieuwe Bergkamp’.

Bergkamp op het pleintje

Schulp groeide op in Nieuwendam, Amsterdam-Noord (‘mijn ouders wonen er nog steeds’) en viel als jong binkie op bij het vermaarde De Volewijckers. Daar werd hij op zijn tiende opgepikt door het grote Ajax.

“Op straat speelde je wel dat je Van Basten of Bergkamp was”, vertelt Schulp. “Maar met De Volewijckers speelden we al tegen Ajax, dus zo bijzonder was het ook weer niet.”

“Ik weet nog wel dat ik helemaal geen proeftraining hoefde te doen, ik was meteen aangenomen. En ik had geluk: het was het eerste jaar dat de jeugdopleiding bij Ajax gesponsord werd. Voor die tijd moesten de ouders nog zelf de shirtjes kopen, echt waar.”

Al snel kreeg de goalgetter het etiket ‘de nieuwe Bergkamp’ opgespeld, niet alleen vanwege de voornaam of de fysieke gelijkenis.

“Volgens mij was dat meer een dingetje van de media dan van de spelers”, relativeert Schulp.

“Bij Ajax gaan ze er toch wel vanuit dat ze de beste zijn. Later, toen ik naar andere clubs ging, speelde dat meer. Toen kwamen er opeens verwachtingen bij.”

Geen woord

Op zijn zeventiende tekende Schulp zijn eerste profcontract en sloot hij aan bij de selectie van Louis van Gaal (voor Schulp nog altijd meneer Van Gaal), die toen net de Champions League had gewonnen.

Althans, Schulp speelde zijn wedstrijden vooral bij de A1 en het tweede. “We trainden tegelijk op twee velden en als er iemand van het eerste uitviel met een pijntje, dan werd iemand van veld twee geplukt. Daar werd geen woord aan vuil gemaakt.”

Zo ging het ook op 27 maart 1996, toen Schulp opeens op de bank zat in het eredivisieduel met Go Ahead Eagles. “Mijn ouders zaten op de tribune en wisten dat ik mijn debuut zou maken. Maar mij was niets verteld.”

Twaalf minuten voor tijd kwam hij in het veld voor Patrick Kluivert. “Ik scoorde niet, zoals dat hoort bij een Ajax-debuut. Maar ik was wel mooi de laatste debutant in De Meer”.

Einde aan de gouden generatie

De verloren Champions League-finale in 1996 tegen een opgepompt Juventus was het laatste hoogtepunt van de gouden generatie van Van Gaal. Na de zomer bleken kleine barstjes in de teamgeest opeens grote scheuren.

Spelers als Davids en Reiziger vertrokken naar AC Milan, Nwankwo Kanu naar Inter en Finidi George naar Betis Sevilla. Ronald en Frank de Boer deden alles om een vertrek naar Barcelona af te dwingen. De samenhang in de selectie was weg. En ook de resultaten.

Schulp rekende op speeltijd, maar die bleef uit. Pas na de oorwassing (2-1 en 4-1 nederlagen) door Juventus in de halve eindstrijd van de Champions League kreeg Schulp zijn kans.

Tegen FC Groningen maakte hij zijn eerste eredivisietreffer en prompt begon hij tegen Heerenveen en FC Twente in de basis.

Na een tussenjaar in Volendam en zijn meao-diploma op zak, vertrok de nieuwe Bergkamp naar Willem II. In Tilburg kreeg hij te maken met een oude bekende.

“Co Adriaanse was hoofd jeugdopleiding bij Ajax toen ik er speelde. En hij was ook een man van De Volewijckers. Ik heb gewerkt met meneer Van Gaal, met Peter Bosz, Johan Neeskens. Maar met Co heb ik het meest.”

Dat zal zo zijn, maar ook onder Adriaanse moest Schulp het doen met een rol als supersub. Zijn eerste wedstrijd was meteen tegen Ajax, waar Jan Wouters de plek had ingenomen van de succesvolle Deen Olsen. Zijn bijdrage in de Arena duurde 9 minuten, Willem II verloor met 2-0.

Na een moeizaam begin kwamen de Tilburgers na de winterstop op stoom. Willem II won dertien van de laatste vijftien duels, waaronder dus die gedenkwaardige wedstrijd tegen Ajax.

Door die zege op Ajax verdreef Willem II met nog vier duels te gaan Vitesse van de tweede plaats. En die plek stonden de Tilburgers niet meer af.

De Champions League kwam naar Tilburg. Zonder Schulp, want die zat in de lappenmand. “Kon ik eindelijk Champions League spelen, zat ik met mijn enkel in het gips. Uiteindelijk heb ik nog drie minuten meegedaan uit tegen Spartak Moskou (1-1). Dat was eigenlijk een soort cadeautje van de trainer, zo eerlijk wil ik wel zijn.”

Schitteren voor De Graafschap

De nieuwe Bergkamp zou zijn grote belofte nooit waarmaken. Na Willem II speelde hij nog bij NEC, De Graafschap, Helmond Sport, FC Den Bosch en in de lagere Duitse regionen bij SC Paderborn en Wuppertaler SV.

Na zijn loopbaan keerde Schulp terug naar Tilburg, waar hij zich bezighoudt fitnessconcepten en personal training. “Mijn vrouw is een echte Tilburgse en we wonen nu al jaren in Tilburg. Maar natuurlijk zit Ajax ook nog altijd in mijn hart.”

“Een paar maanden geleden was ik met mijn zoon nog in de Johan Cruijff Arena, op uitnodiging van de club. Ik gun Willem II het beste tegen Ajax. Maar ik denk niet dat het ‘m gaat worden, nee.”

Meer weten over de succesvolle jaren van Willem II onder trainer Co Adriaanse? Bekijk ‘Andere Tijden Sport: Co Adriaanse en het wonder van Tilburg’ (2016) hieronder.

Bron: nos.nl