Taylor was ‘beetje eigenwijs’, bleef bij Ajax en houdt internationals op de bank

0
35

Erik ten Hag zei in de winter tegen Kenneth Taylor: “Misschien is het beter om je te verhuren.” Destijds was dat helemaal geen gek plan. Nu klinkt het ridicuul. Want een half jaar later is Taylor basisspeler bij Ajax. Sterker nog, de 20-jarige middenvelder houdt twee Oranje-internationals op de bank.

Verhuren dus, dat was echt het plan. “Aan de ene kant is het fijn dat hij meedacht met mij, want ik wilde ook spelen”, zegt Taylor langs het hoofdveld op trainingscomplex De Toekomst. “Maar ik zag het niet zitten.”

“Ik train hier met de beste spelers; daar word je ook beter van. Ik had ook het gevoel dat ik er op de training wel tegenaan zat. En dat ik mijn kans zou pakken als ik ‘m zou krijgen. Daarin heb ik op mezelf vertrouwd.”

Taylor wilde knokken voor zijn plek. Of was hij gewoon erg eigenwijs? “Ook wel een beetje, ja”, lacht hij. Maar de beslissing om te blijven was volgens de jonge voetballer een reële afweging. “Ik voelde dat ik goed meekon.” Ten Hag kwam er later in het seizoen nog op terug. “Na Vitesse zei hij: ‘ja, je had gelijk’.”

Onder de nieuwe trainer Alfred Schreuder lijkt Taylor zijn definitieve doorbraak te hebben ingezet: drie wedstrijden gespeeld, drie basisplaatsen. Knap, gezien de immense concurrentie in Amsterdam. Hij verdringt daarmee immers Davy Klaassen en Steven Berghuis, al jaren vaste klanten in het Nederlands elftal.

Vechten de drie aanvallend ingestelde middenvelders elkaar niet de tent uit op De Toekomst? Het tegendeel blijkt waar. “Ze helpen mij ook veel”, zegt Taylor. Daar zal Schreuder blij mee zijn. Na de seizoenstart tegen Fortuna Sittard zei de hoofdtrainer nog dat zijn spelers “het elkaar moeten gunnen”.

Tweebenige Taylor

Taylors troef in het gevecht met Klaassen en Berghuis spreekt voor zich: hij is tweebenig. “Dat heb ik geleerd van mijn vader. Hij leerde mij niet echt iets anders. Hij zei: ‘Waarom zou je niet met rechts én links schieten. Het kost tijd als je om de bal heen draait’.”

Er moet in Heiloo, waar hij opgroeide, een muurtje zijn waartegen de kleine Kenneth zijn rechter en linker suf trainde. “Het klinkt wel cliché, maar dat heb ik inderdaad gedaan”, lacht hij. Lachen doet Taylor sowieso veel. In de kleedkamer. Voor en na de wedstrijd. En vaak met zijn maatje Brian Brobbey, met wie hij in vrijwel alle jeugdelftallen samenspeelde.

Of het nou door zijn tweebenigheid komt of niet, werp een blik op de Opta-data van de middenvelder sinds het begin van het seizoen 2021/2022 en het blijkt dat Taylors basisplaats prima te onderbouwen is. Met een flink hogere passnauwkeurigheid (88,5%) dan Klaassen en Berghuis (82.3% om 83.3%) heeft Ajax met Taylor veel balvastheid op de helft van de tegenstander.

Berghuis creëert dan wel een kans meer per wedstrijd dan Taylor (2,7 om 1,7), het 20-jarige talent verovert in een wedstrijd iets meer ballen en is een stuk gevaarlijker met zijn loopacties met de bal aan de voet (18,9 om 11,5).

Kopie Gravenberch

Zijn cijfers doen denken aan die van voorganger Ryan Gravenberch. Half juli verlengde Taylor zijn contract tot 2027 en kreeg hij rugnummer 8 toegewezen. Het oude nummer van zijn jeugdmaatje Gravenberch, die naar Bayern München vertrok.

Met Taylor heeft Ajax Gravenberchs vertrek moeiteloos opgevangen, zonder de portemonnee te trekken voor een talentvolle middenvelder.

In duelkracht legt de jonge Taylor het wel af tegen Klaassen, Berghuis en Gravenberch. Taylor verliest net meer directe duels om de bal dan hij wint, terwijl Gravenberch er in zijn laatste seizoen in Amsterdam net meer won dan verloor.

Daar valt iets te halen voor Taylor. Dat hoef je hem niet meer te vertellen. Maar langs het hoofdveld op De Toekomst kan assistent-trainer Richard Witschge het toch niet laten. “Agressiever moet-ie worden! Voetballen kan-ie wel.”

Niet blijven hangen

Dat kreeg hij ook al van Ten Hag te horen en Schreuder zegt het nu ook weleens. Taylor moet agressiever worden en aan zijn omschakeling werken. Een zwakte die wellicht op Champions League-niveau aan het licht zal komen.

“Ik ben wel een speler die omschakelt, maar het heeft te maken met agressiviteit, dat ik direct – boem – omschakel en niet erin blijf hangen als ik zelf een foute bal geef.”

Taylor komt er begin september vanzelf wel achter hoeveel stappen hij al heeft gemaakt in die agressiviteit. Dan speelt Ajax zijn eerste duel in de groepsfase van de Champions League. Houdt hij zichzelf ook daar staande, dan zal bondscoach Louis van Gaal wellicht gaan informeren naar Taylors 06-nummer.

Bron: nos.nl