Terug naar 1970: Rotterdammers met de Cup op de kiek

0
60

“Het is op 6 mei vijftig jaar geleden. En het is een van de belangrijkste gebeurtenissen in de Nederlandse sportgeschiedenis”, legt Steven van der Gaag uit. “Het is bovendien de eerste. En de eerste maakt altijd de meeste indruk.”

Van der Gaag is een van de makers van de laatste aflevering in de winterserie van Andere Tijden Sport, zondagavond om 23.05 uur op NPO om 1. Waarin wordt teruggegaan naar 1970, het jaar waarin Feyenoord als eerste Nederlandse club de Europa Cup I won.

“Ik vergelijk het wel eens met een maanlanding. Dat kon men ook niet geloven. Ik? Ik was vier maanden oud toen Feyenoord de Cup won. Het grootste, meest glorieuze moment van mijn club heb ik gemist. Da’s klote, om het op z’n Rotterdams te zeggen. Ik wil weten hoe het als Rotterdammer voelde om die cup te winnen”, aldus Van der Gaag.

De zegetocht van Feyenoord in de Europa Cup voor landskampioenen voert langs tegenstanders uit Reykjavik, Milaan, Berlijn en Warschau. Met spelers als Willem van Hanegem, Coen Moulijn en Ove Kindvall. En coach Ernst Happel, de man van ‘kein geloel, foessball spielen’.

En dan, op 6 mei 1970, San Siro in Milaan. De glorieus gewonnen finale tegen Celtic uit Schotland. En het feest op de Coolsingel, een dag later. Duizenden Feyenoord-supporters gaan in de lange hete zomer daarna op de foto met de Cup. Een Polaroid-plaatje dat ze ‘never nooit’ weg zullen doen. Bij de één hangt-ie boven het bed, de ander draagt ‘m in zijn portemonnee dichtbij het hart.

Van der Gaag ging op zoek naar de mensen achter die foto’s. “We stuitten op de fotoverzameling van John Blaak en op zijn website metdecupopdekiek.nl.”

“Al die foto’s werkten zo zinnenprikkelend op ons – en daarmee bedoel ik regisseur Thomas Vroege, David Kleijwegt en collega-researcher Wiep Idzenga – dat we toch een manier zagen om dit bekende verhaal op een nieuwe manier te vertellen.”

“Zeker toen Thomas met het idee kwam om telefoongesprekken als basis te nemen. Mensen praten dan toch makkelijker. Dat werkt echt heel goed.”

In de aflevering van vanavond worden audiofragmenten van die telefoongesprekken, gevoerd met de mensen op de foto’s, afgespeeld, terwijl beelden van Feyenoord en Rotterdam uit die tijd worden getoond.

‘Dolgraag vertellen’

“Bij sommigen duurde het even voor we ze te pakken hadden”, vertelt Van der Gaag. “Van mevrouw Lamboo hadden we alleen een adres, dus die heb ik nog een brief gestuurd. Nadat ik hem had gepost, hing ze een dag later aan de lijn. En zo ging dat eigenlijk met bijna iedereen. De herinnering ligt voor op de tong en ze willen er allemaal dolgraag over vertellen.”

“De rode draad door de aflevering is mijn zoektocht naar het gevoel van toen. Omdat ik stikjaloers ben op ze. Zij waren er wel bij en ze hebben ook nog eens een fotootje met de Cup. Via hun verhalen kan ik even schuilen in het verleden.”

Van der Gaag hoeft niet lang na te denken over het antwoord op de vraag wat iedereen zich nog herinnert. “De handsbal van Billie McNeal”, klinkt het resoluut.

‘Pinantie’

“Nog niet eens de goal van Ove Kindvall. De handsbal veroorzaakte consternatie in de huiskamers. En in het stadion. Hands, hands! Veel mensen hebben vanwege de opwinding die goal niet eens gezien. Ja, later pas. Iemand zegt: ‘Kool gaat voor pinantie’. Heerlijk, die straattaal.”

“Hoe mensen dat fotootje nog koesteren, dat vond ik mooi en ontroerend, Ze bewaren het in hun slaapkamer of in hun portemonnee. Iemand zei: Ik heb een schat van een kleindochter, maar dat fotootje staat op mijn mobiele telefoon.”

1970, het was een prachtig jaar voor Feyenoord en Rotterdam, de stad waar in ieders geheugen ook de oorlog nog zat. En dat speelde nog wel een rol, vertelt Van der Gaag.

“Anita Gundlach zegt dat heel mooi. Rotterdam was herrezen uit de as van het bombardement en de Cup voelde als een soort kroon op de wederopbouw. Verder was Rotterdam vooral trots. Het gaf een boost aan het zelfvertrouwen. De Europa Cup winnen, dat kon helemaal niet.”

‘Nooit meer’

Van der Gaag was vier maanden oud toen de Cup naar Rotterdam kwam. Hij kreeg niks mee van het glorieuze moment van zijn club en denkt dat de kans ook nul is dat het nog een keer gebeurt.

“Ja dit was de eerste en de laatste. Of er moet een of andere oliesjeik geld in de club pompen. Maar dan zou het niet meer als mijn Feyenoord aanvoelen, denk ik.”

Bron: nos.nl